Ambacht versus zelfetalering

In het blad Filosofie las ik een interview, uit 2011, met Richard Sennett waarin de denker de bezinemoter, en het gebruik ervan in personen- en vrachtvervoer, vergelijkt met de ontwikkeling en opkomst van sociale media. De impact op het klimaat van de bezinemoter is immens gebleken wat echter niet maakt dat wij met het gebruik ervan zijn gestopt of hebben gekeken naar alternatieven. Dit zijn we pas gaan doen toen de desastreuze gevolgen ervan niet langer ontkend kon worden.

Sennett stelt het volgende in het interview:

Een duidelijk voorbeeld vind ik Facebook. Wie daarop staat, laat aan anderen zien waarmee hij bezig is. Dat zie ik niet als volwaardige communicatie. Facebook reduceert vriendschap tot zelfexpressie. Mensen zijn niet met elkaar in gesprek – een van de wezenstrekken van vriendschappelijke omgang. Ze doen aan zelfetalering.

Voor mij was dit een adequate beschrijving van het bah-gevoel dat ik vooral vaak kreeg op LinkedIn en waardoor ik dit maar het carrierebordeel van internet ben gaan noemen. We prostitueren er onze, altijd eindeloze niet aflatende reeks, successen en ook schromen niet die van anderen te gebruiken, om onze eigen waar nog verder in de markt te zetten. Maar ook Facebook heeft hier trekken van en andere sociale media platforms eveneens. We hebben daar geen vrienden maar etalageruitklevers. Virtuele personen die zich vergapen aan het door mij uitgestalde succesvolle professionele leven en die hun eigen etalge, door op mij aan te haken met reacties, ook weer kunnen vullen. We verkeren zo met elkaar in een opgehitste rituele dans waarbij iedereen zich anders voordoet dan hij is. We zijn er partners in een relatie waarin we zelf niet geloven, zelfs nooit geloofd hebben.

We dialogiseren er niet maar voeren er als dialoog verklede monologen die vaak door weinig anders dan aandachtsmagneten aan elkaar gekoppeld zijn. Het zijn de ongemeende wangkusjes en het uitwisselen van versteende, betekenis- en inhoudsloze zinnen Hoe gaat het met je? en al even ongemeende antwoorden Ja, super!.

Wellicht is dat ook de reden dat influencers, een term voor iemand die echts niets kan, alleen in deze context kan gedijen. Wanneer een houtbewerker je zijn beroep vertelt, weet je wat hij kan en wat hij doet. Dit geldt al evenzeer voor wetenschappers, kunstenaars, politiemensen, zorgmedewerkers, en vele anderen. Ze hebben professioneel, ambachtelijk handelen ontwikkeld door er jaren op te oefenen, het ambacht te koesteren, het materiaal waarmee ze werken te waarderen. Een influencer kan zelf niet iets, hij is, waarschijnlijk zonder dat hij dat zelf onderkent, tot een algoritmische functie geworden die niets dient dan de kassa van het platform waarop hij bestaat.

Sociaal? Er is geen eenzamer en individualistischer domein dan sociale media, de enige plaats waar iedereen tot influencer wordt gereduceerd, omdat we als mens voor de marketeers van die platforms alleen waardevol zijn, waarde hebben, in die functie, in die rol.

Sennetts oproep, blijkend uit zijn publicaties, geeft te denken. We moeten ambachtelijkheid herwaarderen en daarmee, en in het verlengde daarvan, auctoritas. De medialisering van zowel internet als van onze samenleving heeft er wellicht toe geleid dat uitsluitend potestas, en wel in de vorm van het aantal clicks, dat op zijn beurt weer wordt bepaald door algoritmes die inzetten op agressie en negativiteit, de enige overlevingsstrategie en dus ook enige levensvorm is geworden. Het nieuwe normaal.

Ambacht versus zelfetalering - December 30, 2020 - Robert Voogdgeert